top of page

De aarsworm

  • Foto van schrijver: Ashley Koning
    Ashley Koning
  • 12 feb 2020
  • 4 minuten om te lezen

Één van de parasieten die in je paard kan leven, is de aarsworm/aarsmade (Oxyuris equi). De aarsworm is een kleine, (geel)witte nematode. Kenmerkend voor deze worm is dat de vrouwtjes de eieren rondom de anus van het paard leggen. De eieren zijn dan ook niet via het normale mestonderzoek (via de Mc Master methode) te vinden.


De levenscyclus

Een paard kan aarswormeieren binnenkrijgen via zijn omgeving. Door te likken aan stalwanden, bijten aan de omheining, het drinken van het water, eten van besmet voer of door het krabben en likken van de vacht kan een paard gemakkelijk infectieuze aarswormeieren binnenkrijgen. Wanneer de infectieuze eieren zijn ogenomen en worden vervoerd via het spijsverteringskanaal, verlaten de larven de eieren wanneer ze aangekomen zijn in de dunne darm. De larven ontwikkelen zich verder in het slijmvlies van de blinde en dikke darm, waar ze zich vervellen tot een bijna volwassen exemplaar. Wanneer de larven bijna volwassen zijn, verplaatsen zij zich naar het achterste gedeelte van de dikke darm. In de dikke darm ontwikkelen ze zich verder tot volwassenen.

De volwassen vrouwelijke wormen zijn vruchtbaar en leggen eieren om zich te kunnen voortplanten. Ze kruipen via de endeldarm uit het paard en leggen hun eieren rondom de anus is een plakkerige, witte vloeistof. Deze afscheiding droogt op en veroorzaakt waarschijnlijk de jeuk bij het paard, die kenmerkend is voor de aanwezigheid van aarswormen/aarsmaden. De gelegde eieren worden infectieus binnen 3 tot 5 dagen [1].

Door de jeuk zal het paard gaan schuren met zijn achterhand tegen objecten. Door het schuren verspreiden de eieren zich over de achterhand, belanden ze op de objecten die het paard aanraakt met zijn achterhand en kunnen ze op de grond vallen in bijvoorbeeld het voer of in de waterbakken. Inname gebeurt dan ook onder andere door het likken van de omgeving, het krabben van de vacht (bij zichzelf of een ander paard) of het eten van hooi of gras, waar aarswormeieren op terecht zijn gekomen.


Klachten

Wanneer de eiwitafscheiding rondom de anus opdroogt, waarin de aarsworm haar eieren in legt, zorgt dit waarschijnlijk voor de jeuk en irritatie bij het paard. Paarden met een aarsworm besmetting zie je dan ook veelal schuren bij de staart. Natuurlijk kan het schuren van de achterhand ook andere oorzaken hebben, maar het blijft altijd verstandig om het paard voor de zekerheid te controleren op de aanwezigheid van aarswormeieren rondom de anus. Over het algemeen zal een paard, naast de jeuk, geen klachten ondervinden van de aanwezige aarsmaden.

Bij het optillen van de staart kan het zijn dat je een witte, lichtgele, groenachtige of oranje afscheiding ziet. Dit is de laag waar de eieren van de aarsworm zich in bevinden. Daarnaast kan het zijn dat je een aarsworm uit de anus ziet hangen, die druk bezig is met het leggen van eieren, wanneer je de staart van het paard optilt.



Diagnosticeren

Over het algemeen zijn aarswormeieren niet te vinden in de mest. De enige manier om de aanwezigheid van aarswormen aan te tonen, is door de zogenaamde plakbandtest uit te voeren of te laten uitvoeren.


De plakbandtest

De plakbandtest is een simpele methode om uit te voeren. Je hebt voor deze test alleen een stukje doorzichtig plakband nodig (wit-doorzichtig, niet met een kleurtje), een objectglaasje en een microscoop met een minimale vergroting van 100. Het hebben van een paar wegwerphandschoenen kan ook handig zijn, zodat je deze kunt aantrekken wanneer je het monster verzamelt en/of de test uitvoert.

Monsterverzameling

Voor het verzamelen van het monster heb je alleen een stukje plakband nodig. Het is de bedoeling dat je de plakkerige kant rondom de anus van het paard drukt. Op deze manier verzamel je de mogelijke aarswormeieren, die rondom de anus van het paard zijn gelegd door de volwassen vrouwelijke aarswormen.


Onderzoeken

Voor het onderzoek moet je het plakbandje op het microscoopglaasje plakken en vervolgens onder de microscoop leggen. Zorg dat je 100x vergroting hebt en stel het beeld scherp.Vervolgens kan je het preparaat onderzoeken naar de aanwezigheid van aarswormeieren. Over het algemeen is het tellen van het aantal aarswormeieren niet zinvol. Veelal zie je meerdere eieren en is het bij de aanwezigheid van de eieren nodig om het paard te behandelen tegen de aarswormen, ongeacht het aantal aanwezige eieren onder de microscoop.


Hoe ziet een aarswormei eruit?

Een aarswormei is aan één uiteinde wat platter, heeft een ovale vorm en heeft een duidelijk zichtbare wand. Binnenin bevat het een larve of embryo. Gemiddeld zijn de eieren 90 micrometer lang [1].



Behandelen

Wanneer er aarswormeieren zijn gevonden onder de microscoop en je paard klachten vertoond van een aarswormbesmetting, kan het (na overleg met je dierenarts) handig zijn om je paard te ontwormen. Om een aarswormbesmetting te behandelen, kan je het beste kiezen voor fenbendazol. Ivermectine, moxidectine en pyrantel kunnen ook gebruikt worden, maar let op: bij ivermectine en moxidectine is er al meerdere malen een gebrek aan werkzaamheid gerapporteerd [2,3 en 4]. Overleg altijd goed met je dierenarts over welk ontwormingsmiddel je het beste aan je paard kunt geven.

Het is belangrijk dat je naast de ontworming de anus goed schoon maakt. Doe dit met een wegwerpsponsje, water en eventueel een desinfectiemiddel of gebruik een wegwerpdoekje. Ook het schoonmaken en ontsmetten van de stallen, omheining, borstels en de eventuele gedragen dekens is handig om herbesmetting zoveel mogelijk te voorkomen.


Gebruikte bronnen

  1. Reinemeyer, C.R. & Nielsen, M.K. (2014). Review of the biology and control of Oxyuris equi. Equine Veterinary Education, 26, 584-591. https://doi.org/10.1111/eve.12218

  2. Sallé, G. & Cortret, J. & Koch, C. & Gascogne T, & Reigner, F. & Cabaret, J. (2016) Ivermectin failure in the control of Oxyuris equi in a herd of ponies in France. Veterinary Parasitology, 229, 73-75. https://doi.org/10.1016/j.vetpar.2016.09.020

  3. Wolf, D., Hermosilla, C., and Taubert, A. (2014) Oxyuris equi: lack of efficacy in treatment with macrocyclic lactones. Veterinary Parasitology, 201 (1-2), 163-168 https://doi.org/10.1016/j.vetpar.2013.12.009

  4. Reinemeyer, C.R. (2012) Anthelmintic resistance among non-strongylid parasites of horses. Veterinary Parasitology., 185(1), 9-15. https://doi.org/10.1016/j.vetpar.2011.10.009


Heb je nog vragen en/of opmerkingen over dit artikel? Stuur mij dan gerust een berichtje!


 
 
 

Opmerkingen


© 2019 ~ Life4horse

  • White Facebook Icon
  • Instagram - White Circle
  • White YouTube Icon
bottom of page